Van Black Hamlet naar Black Anger — Wulf Sachs (1893-1949)
Samenvatting
In Het vraagstuk van de lekenanalyse (1926) vergelijkt Freud het geslachtsleven van de volwassen vrouw met ‹een dark continent› (1926e, p. 302). Op deze ene metafoor na is ‹de wieg van de mensheid› verder de grote afwezige in Freuds oeuvre. Op dit Afrikaanse continent vormt Zuid-Afrika al snel een gastvrij toevluchtsoord voor Europese Joodse analytici op de vlucht voor het oprukkende antisemitisme. Zo wordt Johannesburg de bakermat van de Zuid-Afrikaanse psychoanalyse, met Wulf Sachs als haar absolute pionier, en lange tijd als de enige praktiserende analyticus op het hele Afrikaanse continent.
Sachs groeit als Litouwse Jood op in Sint-Petersburg. Na studies bij Pavlov en Bechterev trekt hij in de nadagen van de Oktoberrevolutie (1917) naar Keulen en Londen voor medicijnenstudies. In 1922 verhuist hij met zijn gezin naar Zuid-Afrika en vestigt zich als huisarts in Johannesburg. Het kosmopolitische, verpauperde en racistisch-turbulente Johannesburg vormt tevens de ontstaanscontext van Sachs' sociaal engagement. In de contrastervaring tussen het witte bourgeoisbestaan en het zwarte proletariaatsleven ontstaat een groot mededogen met de plaatselijke bevolking. Sachs bevraagt de uitgangspunten van de vigerende koloniale psychiatrie. Via het werk van de Zuid-Afrikaanse psychiater Laubscher komt Sachs in contact met Freuds geschriften. Vanaf 1928 ontfermt Sachs zich in het psychiatrisch ziekenhuis van Pretoria over zwarte psychotische patiënten. Hij bekritiseert Laubschers koloniale bias en argumenteert dat de neurotische en psychotische symptomen niet verschillen van deze van Europese patiënten. Overeenkomstig deze kritiek oordeelt hij dat de psychoanalytische techniek ook bij deze Afrikaanse patiënten succesvol kan worden aangewend.
Eind jaren 1920 gaat Sachs voor zes maanden in leeranalyse bij Reik in Berlijn, met eveneens een reeks sessies bij Brill. Tijdens dit Europees verblijft legt hij contacten binnen het freudiaanse netwerk. Na zijn terugreis richt Sachs een psychoanalytische studiegroep op. In overleg met Jones fungeert Sachs als contactpersoon van tal van emigrerende analytici, die onder zijn hoede de psychoanalyse in Zuid-Afrika institutioneel vorm moeten geven. Zo ontfermt hij zich tijdelijk over Van Ophuijsen en Perls, die later in de Verenigde Staten de gestalttherapie ontwikkelt.
In 1933 verzorgt Sachs een lezingenreeks aan het departement wijsbegeerte van de Universiteit van Witwatersrand. Deze vormt de basis van Psychoanalysis: its meaning and practical applications (1934), waarmee Sachs zich ontpopt tot Freuds apologeet op het Afrikaanse continent. Freud leidt het boek met een korte noot in als ‹een leerrijke en waardevolle introductie tot de wetenschap van de psychoanalyse› (Sachs 1934, p. v). Het handelt zowel over de psychoanalytische theorie als over de toepassing van de psychoanalyse op de literatuurstudie, met onder meer aandacht voor het hamletthema. In 1934 wordt Sachs tevens officieel lid van de British Psychoanalytical Society (BPS) wier voorzitter het boek prijst als ‹de eerste Afrikaanse bijdrage aan de psychoanalyse› (Jones 1935, p. 377). Dit alles komt de Zuid-Afrikaanse psychoanalyse institutioneel ten goede. In het naschrift bij zijn Zelfportret (1924) verheugt Freud zich over de oprichting van de psychoanalytische vereniging in Zuid-Afrika (1935a, p. 137). De door de BPS erkende studiegroep groeit uiteindelijk uit tot een autonome vereniging met Sachs als voorzitter.
In 1937 publiceert Sachs Black Hamlet. Het boek is een tijdsdocument van het Zuid-Afrika tijdens het interbellum. Het is het resultaat van een twee en een half jaar durende ‹analyse› van John Chavafambira, een immigrant uit het toenmalige Rhodesië en afstammeling van een generatie nganga's of traditionele helers. Via de antropologe Hellman, een leerlinge van Malinowski, die Sachs als arts inroept voor de behandeling van Chavafambira's echtgenote, leren beide mannen elkaar kennen. Net als Chavafambira woont Sachs in het stadsdeel Rooiyard. Informele gesprekken monden uit in therapeutische sessies. Chavafambira's droomassociaties reveleren een hamletiaans motief. Chavafambira's vader werd immers vermoord door diens broer, die Chavafambira's moeder huwde. In het spoor van Ferenczi verkent Sachs de psychoanalytische techniek voorbij de klassieke kuur, waarbij analyticus en analysant verschijnen als evenwaardige gesprekspartners. Beiden ondergaan zij een transformatie. Zo bewerkstelligt de psychische transformatie van Chavafambira niet alleen diens sociaal bewustzijn, maar resulteert het analytisch proces evenzeer in een transformatie bij Sachs zelf. Zijn psychoanalytische engagement leidt tot een marxistisch geïnspireerd sociaaleconomisch bewustwordingsproces.
Sachs' analytische betrokkenheid gaat hand in hand met een resoluut sociaal-politiek engagement. Dit staat haaks op het impliciete racisme dat de intolerante milieus kenmerkt die hij frequenteert. Als toegewijd socialist trekt Sachs voortdurend van leer tegen socio-economisch en politiek onrecht. Vanaf 1943 is hij enkele jaren uitgever van het socialistische tijdschrift The Democrat. Tevens is hij actief in de Zuid-Afrikaanse zionistische federatie, die de oprichting van een Joodse staat als oplossing voor de eeuwenlange Jodenhaat proclameert.
Sachs' dubbelprofiel als psychoanalyticus en politiek activist maakt hem controversieel. Zijn groeiend sociaal-politiek bewustzijn weerspiegelt zich eveneens in de heruitgave van Black Hamlet met de aangepaste titel Black Anger (1947). Sachs' redactionele ingrepen bewerkstelligen een inhoudelijke accentverschuiving van de psychische bewustwording van het individu richting de sociale bewustwording als omvattender transformatie. Aan de vooravond van het apartheidsregime (1948) is dit een duidelijk statement.
Sachs sterft onverwacht in 1949. Hij is amper 56 jaar en de enige opleidingsanalyticus in Zuid-Afrika. Onder druk van het apartheidsregime implodeert de South African Psychoanalytical Association (SAPA). Sachs' vijf acolieten zwermen uit naar het Verenigd Koninkrijk. Ter plekke kent de sluimerende psychoanalytische geest vanaf eind jaren 1970 een eerste vitale impuls. Pas post-apartheid (1990) vindt deze echter een nieuwe levensadem in studiegroepen te Johannesburg en Kaapstad. Toch duurt het nog tot 2009 vooraleer de SAPA officieel uit haar institutionele as herrijst. Zestig jaar na Sachs' overlijden worden de eerste opleidingsanalytici aangesteld en vat een nieuw cohort kandidaten de opleiding aan. In 2016 promoveren de eerste analytici die hun volledige opleidingstraject op Zuid-Afrikaanse bodem vervolmaken.
Literatuur
- Freud, S. (1926e). Het vraagstuk van de lekenanalyse: Gesprekken met een onpartijdige. In Werken 9 (pp. 272-338). Amsterdam: Boom, 2006.
- Freud, S. (1935a). Naschrift 1935. In Werken 9 (pp. 135-137). Amsterdam: Boom, 2006.
- Jones, E. (1935). Review of W. Sachs: Psychoanalysis, its meaning and practical applications. (London: Cassell). International Journal of Psychoanalysis, 16, 377-378.
- Sachs, W. (1934). Psychoanalysis: its meaning and practical applications. London: Cassell.
- Sachs, W. (1937). Black Hamlet. Baltimore/London: Johns Hopkins University Press, 1996.
- Sachs, W. (1947). Black Anger. New York: Grove Press.
© 2009-2026 Uitgeverij Boom Amsterdam
ISSN 1382-516x
De artikelen uit de (online)tijdschriften van Uitgeverij Boom zijn auteursrechtelijk beschermd. U kunt er natuurlijk uit citeren (voorzien van een bronvermelding) maar voor reproductie in welke vorm dan ook moet toestemming aan de uitgever worden gevraagd:
Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch door fotokopieën, opnamen of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikelen 16h t/m 16m Auteurswet 1912 jo. Besluit van 27 november 2002, Stb 575, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoeding te voldoen aan de Stichting Reprorecht te Hoofddorp (postbus 3060, 2130 KB, www.reprorecht.nl) of contact op te nemen met de uitgever voor het treffen van een rechtstreekse regeling in de zin van art. 16l, vijfde lid, Auteurswet 1912.
Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16, Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot de Stichting PRO (Stichting Publicatie- en Reproductierechten, postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp, www.cedar.nl/pro).
No part of this book may be reproduced in any way whatsoever without the written permission of the publisher.
Nieuwsbrief Boom Psychologie
Meld u nu aan en ontvang maandelijks de Boom Psychologie nieuwsbrief met aantrekkelijke aanbiedingen en de nieuwe uitgaven.
Aanmelden


